Moerasspirea

moerasspirea

De moerasspirea (Filipendula ulmaria) ruikt en smaakt naar kaneel, amandel en vanille. Gedroogd worden die geuren nog sterker. De Engelen noemen hem niet voor niets meadowsweet. Hij groeit in juni en augustus in overvloed langs waterkanten, in bossen en ruigtes. Onlangs kwam ik hem tegen in een vergeten hoekje van mijn moestuin. Sterrenkoks maken er dessertsauzen van. Er schijnt zelfs een pijnstillend aspirine-achtige stofje in te zitten. Kortom: wat wil de wildplukker nog meer? Er is alleen één probleem met de moerasspirea; de mooie roomwitte pluimen worden lelijk bruin als je ze kookt. Ik maak er een siroopje van, voor gebruik in een dessert. Een lelijk lekker siroopje.

Moerasspireasiroop

Moerasspirea, suiker of honing

Neem 5 moerasspireapluimen. Rits de bloemen van de stelen. Wassen is niet nodig zolang de pluimen niet op de grond hebben gelegen. Trek thee van de (gedroogde) stengels. Doe de pluimen in water tot ze onder staan en kook ze kort. Giet het water af en gooi de moerasspirea weg. Meng het opgevangen vocht met suiker of honing naar smaak tot het is opgelost en laat de siroop afkoelen.

 

 

 

Share...Share on FacebookTweet about this on Twitter
Geplaatst in Wildpluk, Zomer
3 reacties op “Moerasspirea
  1. Tuinjoop.com schreef:

    En als je moerasspirea koud laat trekken (net als vlierbloesem), hoe wordt de kleur dan ?

    • Elsje Bruijnesteijn schreef:

      Goeie vraag Joop. Ik ga het zeker uitproberen. Maar ik moest verhitten om het te conserveren in flessen voor verkoop. Ik heb het ook gedroogd in de zon. Dan wordt het gelig.

    • Elsje Bruijnesteijn schreef:

      Beetje bruinig.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*